Verhalen

“Mijn wereld is groter geworden dankzij Taal Doet Meer”

Een van de grotere vrijwilligersorganisaties in Utrecht is Taal Doet Meer. Het doel van deze organisatie is mensen verbinden met taal. Zo’n 900 vrijwilligers geven jaarlijks taalles aan van oorsprong anderstalige Utrechters en kinderen van ouders met een taalachterstand.  Steeds vaker zijn vrijwilligers bij Taal Doet Meer ook op andere terreinen actief, bijvoorbeeld als coördinator. Judith Lize (31 jaar) is zo’n vrijwilliger. 

 

Taalmentoraat 

 

Judith is afgestudeerd in geschiedenis en hield zich tot voor kort bezig met onderzoek naar de oorlog in Indonesië (1945-1950). Ze wilde ook graag iets sociaal-maatschappelijks doen. ‘Veel vriendinnen van me werken vrijwillig met vluchtelingen. Ik hoorde van hen mooie verhalen. Dat triggerde me om bij de Vrijwilligerscentrale te zoeken naar vacatures. Ik vind het leuk om in teamverband te werken en mijn wereld breed te houden. Zo stuitte ik op de functie van coördinator bij Taal Doet Meer.’ 

 

Judith is coördinator bij het Taalmentoraat, bedoeld voor kinderen van groep 5 tot en met 8 die meer moeite hebben met taal dan gewoonlijk. Ze coördineert een groep vrijwillige taalmentoren, die wekelijks langsgaan bij kinderen van mensen met een taalachterstand. Judiths groep telt een grote diversiteit aan vrijwilligers: Pabo-studenten, starters en mensen die naast hun betaalde werk graag met kinderen werken. De taalmentoren lezen en doen taaloefeningen met kinderen, zo’n 1,5 uur per week. Iedere vrijwilliger heeft een kind, met wie hij of zij een schooljaar lang werkt. 

 

Kinderen met een taalachterstand worden door hun scholen aangedragen, maar de ouders zijn ook enorm betrokken. Judith: ‘Ze zijn erg blij met de begeleiding die hun kinderen krijgen. Vaak zijn het kinderen die Nederlands als tweede taal spreken. Ouders kunnen hun kinderen hier zelf niet bij helpen, dus het is voor hen echt een uitkomst dat er iemand langskomt om ondersteuning te bieden.’ 

 

Coördineren en adviseren 

 

Het werk dat Judith verricht, bestaat uit het coördineren en adviseren van acht taalmentoren in Lombok en Zuilen. ‘Ik zit bij het eerste kennismakinggesprek met het kind, de ouders en de door mij aangewezen vrijwilliger. Daarna gaan de mentoren zelf aan de slag. Verder krijg ik taaloefeningen vanuit Taal Doet Meer die ze kunnen doen en kunnen de mentoren mij bellen als ze tegen problemen aanlopen. Een keer in de twee maanden is er een werkoverleg met alle mentoren, waarbij veel tips en ervaringen worden uitgewisseld. Vanuit Taal Doet Meer krijg ik materiaal aangeleverd voor deze meetings. Er zijn ook trainingen en intervisies voor de coördinatoren zelf. 

 

Ik ben gemiddeld vier uur per week bezig met Taal Doet Meer. Het is een enorm leuke organisatie om bij te werken. Voor mijn persoonlijke ontwikkeling is het erg nuttig, en ik merk dat ik het leuk vind om mensen te begeleiden. Ook kan ik me goed oriënteren op welzijnswerk, wat ik misschien wil gaan doen. Dankzij het werk dat ik doe, is mijn wereld breder geworden en draag ik mijn steentje bij aan de samenleving.’   

 

Interview: Anne Wagemaker
Foto’s: VC Utrecht/Lucy Nieuwdorp